Contact

St. Servaasklooster 36
Maastricht
6211 TE
043 3101650
stichtingkinderleven@gmail.com

Verslaafd

01-01-2016 16:41

Mijn driejarig zoontje is verslaafd op de wereld gekomen. De eerste twee jaren van zijn leven heb ik, ondanks slechte partner en drugsgebruik, zelf voor hem gezorgd. Tot de politie hem bij mij weghaalde. Mijn ouders namen toen de zorg op zich. Nu ben ik drugsvrij. Ik heb een woning en een goede vriend. Ik wil graag mijn zoon terug. Maar mijn ouders willen dit niet. Ik heb nu veel ruzie met hen. Maar mijn kind hoort toch bij mij?

Hoe kunnen we hiernaar kijken vanuit het hechtingsperspectief?

Uit de vraag blijkt dat de moeder het idee heeft dat haar ouders de zoon van haar hebben afgepakt. Maar misschien is het eerder zo dat ze hun kleinzoon in moeilijke tijden hebben ópgepakt. Ze hebben hun schouders onder zijn dagelijkse verzorging gezet en zijn van hem gaan houden.

Het kind is verslaafd geboren. Dit betekent dat hij als baby ontwenningsverschijnselen had. Dat zal zwaar voor hem geweest zijn. Daarna heeft hij waarschijnlijk geprobeerd om zijn moeder voor zich te winnen, want hij was afhankelijk van haar. Maar ze was niet altijd beschikbaar. Als hij honger had en huilde, was zij regelmatig weg om drugs te regelen. Als hij wakker was en wilde dat ze hem zou dragen, lag ze bij tijd en wijle bedwelmd op bed. Als hij wilde slapen hoorde hij ruzies in huis. Uiteindelijk kreeg hij rust in de armen van zijn grootouders die hem voedden, voorlazen, zijn angsten bezworen en orde in zijn chaos brachten. Nu is hij drie en aan hen gehecht. Zíj zijn de bron voor zijn veiligheid geworden. Zíj zijn betrouwbaar, want ze komen als hij roept.

De moeder is en blijft de moeder. Zij zal zich misschien nu wel betrouwbaar kunnen opstellen maar dat weet hij nog niet. Het is voor het kind belangrijk dat zijn moeder en haar ouders geen ruzie maken. Dat de grootouders worden bedankt voor hun liefdevolle zorg, daar waar de moeder de zorg moest laten liggen. Misschien, als de overgang van het kind van hen naar moeder geleidelijk en in liefde verloopt, kunnen de grootouders opnieuw vertrouwen krijgen in de opvoedkwaliteiten van hun dochter, de moeder van hun kleinzoon. Dan worden ook de kansen gecreëerd dat het kind zich in vertrouwen aan zijn moeder gaat hechten!